De voorbije week in een notendop
- Nu de oorlog in Iran zijn zesde week ingaat, lijkt het heropenen van de Straat van Hormuz steeds meer op een titanenwerk dan op een zekerheid op korte termijn.
- De wereldwijde PMI voor de verwerkende industrie daalde in maart met -1,7 punten, een aanzienlijke maar niet buitenproportionele daling, terwijl de omvang van de schok in de toeleveringsketen groter is en de prijsdruk sterk toeneemt.
- De consumentenprijsinflatie in de eurozone kwam met 2,5% op jaarbasis iets lager uit dan verwacht, maar vertoonde desondanks een sterke opwaartse beweging.
- Het Amerikaanse consumentenvertrouwen steeg licht en bleef onder de gemiddelden van 2024 en 2025, maar boven het dieptepunt dat in april 2025 werd opgetekend tijdens de grote bezorgdheid over de tarieven.
Komende week
- De oorlog in Iran en tekenen van een diplomatieke oplossing blijven de belangrijkste aandachtspunten voor beleggers.
- Qua data zullen de CPI-cijfers van maart in de VS en de inflatierapporten in China in de schijnwerpers staan.
- Wat zachte cijfers betreft, zullen de markten de PMI voor de dienstensector en de voorlopige enquête i.v.m het consumentenvertrouwen van de University van Michigan volgen.
- Exxon Mobil, Delta Airlines en Applied Digital zullen hun resultaten bekendmaken.
Beleggingsconvicties
Kernscenario
- Voorzichtiger worden: We hebben onze overweging in aandelen verlaagd naar licht negatief en hebben een defensievere houding aangenomen ten aanzien van bedrijfsobligaties en edelmetalen. Een langdurige oliepiek zou uiteindelijk de koopkracht en het vertrouwen aantasten, zoals historische precedenten aantonen.
- We volgen de situatie in het Midden-Oosten op de voet. Wij blijven bereid om opnieuw in risicovolle activa te stappen als de Straat van Hormuz weer opengaat, de olieprijs stabiliseert in de richting van $ 80-85/vat en de rentedruk afneemt. De geschiedenis laat zien dat geopolitieke correcties van korte duur zijn, tenzij ze uitgroeien tot een aanhoudende macroschok.
- Voor de uitbraak van de oorlog in Iran, een ondersteunende macrocontext. De macro-omstandigheden bleven ondersteunend tot begin maart, maar zijn niet langer de dominante aanjager van marktleiderschap. De groei in de VS bleef berusten op de particuliere binnenlandse vraag, waarbij investeringen - met name AI-gerelateerde investeringen - een grotere rol speelden dan de consumptie.
- Dubbelzinnigheid in monetair beleid. Een versoepeling van de Federal Reserve lijkt nu afhankelijk van de evolutie van de energieprijzen. We denken dat de Federal Reserve waarschijnlijk door de schok heen zal kijken. De ECB zal de inflatieverwachtingen moeten managen en is niet langer "in a good place". Ze zou een meer voorzichtige houding kunnen aannemen, waarbij een eerste renteverhoging met 25 basispunten in de komende maanden als verzekeringsmaatregel wordt genomen. De Bank of Japan en de Reserve Bank of Australia blijven in verkrappingsmodus.
Risico's
- Oorlog in Iran. De duur van de oorlog en de effectieve afsluiting van de Straat van Hormuz, de verspreiding naar andere landen en buiten de energiegrondstoffen naar zachte grondstofprijzen, alsook de schade aan de energie-infrastructuur in de regio vormen de belangrijkste risico's voor de groei-inflatiemix.
- Geopolitieke versnippering. De rivaliteit tussen de VS en China blijft bestaan, terwijl de energievoorziening en wereldwijde handelspatronen blijven veranderen.
- Fed dilemma. De olieschok en een verdeeld FOMC kunnen verdere renteverlaging uitstellen, waardoor een pauze in de liquiditeitssteun dreigt. Het risico bestaat dat tariefgerelateerde prijsstijgingen samen met de druk van de energieprijzen de inflatie de komende maanden enigszins doen toenemen.
- Fiscale geloofwaardigheid. Toenemende obligatie-emissies en politieke ruis kunnen het vertrouwen in de obligatiemarkt op de proef stellen en volatiliteit in de rendementen veroorzaken.
Cross-asset strategie
- We hebben aandelen afgewaardeerd naar negatief en zijn voorzichtiger geworden in alle regio's.
- Onze algehele positionering is licht negatief, met alleen de VS neutraal.
- Regionale allocatie:
- Verenigde Staten: Neutraal. De Verenigde Staten blijven relatief beter geïsoleerd dankzij de binnenlandse energieproductie en de nog steeds veerkrachtige vraag vanuit de private sector.
- Japan: Negatief. Structurele afhankelijkheid van ingevoerde energie.
- Europa’s Negatief. Acute blootstelling aan de olie- en LNG-dynamiek in het Midden-Oosten en kwetsbaarheid voor nieuwe inflatie.
- Groeilanden: Negatief: De regio was tot begin maart een van de beste presterende year-to-date, maar is in de nieuwe geopolitieke omgeving ook het meest kwetsbaar voor hogere olieprijzen en een stijgende USD.
- Factor- en sectorallocatie:
- We blijven positief voor zowel gezondheidszorg als technologie. Binnen de softwaresector bestaat een brede waaier aan bedrijfsmodellen, waarvan sommige meer beïnvloed worden door Artificiële Intelligentie dan andere.
- We houden enige blootstelling aan Europese industriële bedrijven en aan Duitse en Amerikaanse small- en mid-caps omdat ze enigszins beschermd zijn tegen expansieve begrotingen en geplande deregulering.
- Overheidsobligaties:
- We zijn neutraal over de Europese duratie (rentegevoeligheid). Een stijgende olieprijs, als die op een hoog niveau blijft, werkt al door in de renteverwachtingen voor de ECB.
- Amerikaanse overheidsobligaties blijven neutraal, nu de aankomende Fed-hervorming voor extra complexiteit zorgt.
- Krediet:
- De spreadtoename in European Investment Grade is beperkt gebleven, alleszins onvoldoende om een interessant koopmoment te creëren terwijl de macro-onzekerheid hoog blijft. De fundamentals van Investment Grade blijven solide, maar de hogere rentegevoeligheid rechtvaardigt een neutrale positionering. Nu de dispersie toeneemt, geven we de voorkeur aan selectiviteit, in plaats van een overwogen positie aan te houden.
- Neutraal op investment grade bedrijfobligaties in zowel de VS als Europa. De technische factoren van High Yield verslechteren door uitstromen en een toenemend aanbod. Binnen High Yield zijn we neutraal over Europese High Yield en negatief over Amerikaanse High Yield.
- Groeilandenobligaties zijn nu afgebouwd naar neutraal. De groeilanden kampen immers met een uitdagende achtergrond van hogere rendementen, een sterkere dollar en toenemende volatiliteit, wat leidt tot een neutrale houding ten opzichte van zowel lokaal schuldpapier van groeilanden als bedrijfsobligaties.
- Alternatieven:
- We blijven positief voor goud op de lange termijn, maar tactisch gezien werkt het niet als een hedge in de huidige omgeving. We merken ook de toegenomen volatiliteit op.
- We houden een positie in edele en strategische metalen, alternatieven en marktneutrale strategieën aan voor portefeuillestabiliteit en diversificatie.
- Valuta's:
- Het huidige marktregime geeft de voorkeur aan valuta's die gekoppeld zijn aan grondstoffen zoals edelmetalen en olie. Daarom hebben we longposities in AUD, NOK en BRL.
- Wij blijven onderwogen in de USD, maar hebben deze onderweging aanzienlijk verlaagd door de hernieuwde geopolitieke escalatie.
- We zijn ook long JPY.
Onze positionering
De oorlog in Iran heeft zijn vijfde week met meer ambiguïteit afgesloten. De hoop op een relatief snelle onderhandelde oplossing zorgde voor optimisme op de markten, maar vervloog nadat de Amerikaanse president de deur openhield voor een escalatie van het conflict. We hebben onze visie op aandelen verlaagd naar negatief, door een neerwaartse bijstelling van onze visie op alle regio's, waarbij alleen nog voor de VS een neutrale visie behouden blijft. De beleidsdoelstellingen van de VS in de oorlog blijven onzeker. De VS, Israël en Iran deinzen niet terug voor wederzijdse aanvallen in de bredere regio. Tot er meer duidelijkheid is over het verloop van het conflict en de strategische bedoelingen van de VS, houden we het portefeuillerisico liever beperkt. Op het gebied van vastrentende waarden hebben we de totale duration van de Europese kernlanden verlaagd naar neutraal, net als onze visie op obligaties in het algemeen. Tot slot hebben we ook onze visie op groeilandenobligaties verlaagd naar neutraal, zowel voor harde als lokale valuta. De groeilanden kampen immers met hogere rendementen, krappere financiële voorwaarden, hogere energiekosten en een sterkere USD als plotselinge grote tegenwind.